Wonderen

23 april 2017
‘Nee, het is een verloren jaar’. Dat is wat ik zeg als medelopers van de gemeentelijke loopgroep vragen of ik ook van plan ben om weer eens mee te trainen. ‘Ik ben dit jaar jullie grootste sponsor’ placht ik daarna nog te zeggen want ik ben dit seizoen welgeteld twee keer op de training geweest.
Had beide keren daarna een week last van stijve spieren en mijn hamstring gaf aan dat ik een stapje terug had gedaan wat herstel betreft.
De wedstrijden waar ik op had ingeschreven moest ik allemaal aan mij voorbij laten gaan en dat deed pijn want ik wil zo graag.
Een aantal weken geleden was het tijd om het vliegticket naar Oslo te boeken. Ik had een tijIMG_4063dje terug Selma toegezegd om mee te gaan toen ze vertelde dat ze naar Noorwegen ging om deel te nemen aan een loop. Haar broer woont praktisch naast het parcours, dus onderdak is geregeld en of ik zin had om mee te gaan. Het was een prachtig aanbod waar ik geen nee tegen kon zeggen.
Wát ik dan ging lopen, 10, 21 of 42 km hield ik nog even open. Tot het moment kwam om in te schrijven.
Ik aarzelde tussen 21 en 42 km. Zou ik in juli in staat zijn om 42 kilometer te kunnen rennen? Ik zou toch niet mijn hele leven last houden van een hamstringblessure? Mettje1 was stellig in haar antwoord. Die blessure gaat wel over als je meer gaat trainen. Mettje3 vond dat grote onzin. ‘Doe gewoon een tijdje rustig aan’. ‘Ik doe al meer dan een half jaar rustig aan’ fluisterde ik. In dit soort situaties wint Mettje1 altijd. Ik vinkte het vakje van de 42 aan en het schema waar ik de laatste vier marathons op heb gelopen werd er bijgehaald. Dat ik niet vijf keer per wIMG_4057eek kan trainen is duidelijk. De intervaltraining schrap ik en de kilometers die zaterdag en zondag moeten worden gelopen ben ik van plan iets in te korten.
Ik houd mijn mond over wat ik van plan ben want in mijn achterhoofd is het plan gedoemd te mislukken. Slechts een paar mensen zijn op de hoogte.
Vorige week zondag moesten er 26 kilometers worden gelopen. Bloednerveus was ik. Het werden er 25 en het ging niet echt lekker, maar ik begon te geloven dat het mogelijk was om over twee maanden een marathon te voltooien.
Vanochtend ga ik op weg om 27 km verder de stopknop van de Garmin in te drukken. De reis gaat naar Sneek aangezien de wind uit het noorden komt en er windkracht 5 is voorspeld. ‘Dan maar een watje’.
De eerste kilometers gaan moeizaam, maar gaandeweg gaat het beter. Totdat ik bij Weidum een fikse bui over me heen krijg, net als ik een stukje wind tegen heb. Ik ben tot het bot toe verkleumd en overweeg er de brui aan te geven.  Als de zon even later weer doorbreekt veeg ik de regendruppels van mijn zonnebril en ren stug door.IMG_4039
De route langs de Zwette is prachtig en de kilometers glijden gestaag onder mij door. Normaal ga ik bij Dearsum richting de provinciale weg maar ik heb mij laten vertellen dat je sinds kort verder kan over een nieuw fietspad. Ik waag de gok en hoef maar twee keer te vragen of ik nog wel op het goede spoor zit.
Na een kleine drie uur lopen druk ik bij het benzinestation in Sneek de teller op stop en stap bij Wiebren in auto die net aan komt rijden. Wat een timing. Hij had een boodschap in Drachten en zou mij op de terugweg oppikken. Ik drink de meegebrachte shake om mijn spieren goed te laten herstellen en in no-time zijn we weer terug in Leeuwarden.
Al met al ging het vandaag ‘best aardich’ en durf ik (met de nodige voorzichtigheid) mijn plan openbaar te maken.
1 juli ga ik in Noorwegen de Unionsmarathon rennen!

Een gedachte over “Wonderen”

  1. Goed bezig leuk verhaal. De trainingen met vogeltjes kijken zijn vaak het meest efficiënt en het minst schadelijk.

Reacties zijn gesloten.