Knie-zen

22 mei 2016
Al enkele weken heb ik een beetje last van mijn knie. Maar ik doe net alsof er niets aan de hand is en ren rustig door.
Afgelopen zondag was de laatste lange duurloop voor de Slachtemarathon. Van te voren had ik bedacht dat ik 36 km wou lopen. Vier km meer dan het schema voorschrijft. Want iets meer is altijd beter dan iets minder. Denk ik dan. Wat in dit geval nergens op slaat. Gaandeweg voelde ik dat het verstandiger was om niet verder dan 32 km te gaan en in de buurt van het Havankpark te kijken of er nog een extra rondje inzit.
Als ik na 30 km voor het verkeerslicht moet wachten en daarna weg hink weet ik genoeg. Linearecta naar huis en vul, nadat ik wat op verhaal ben gekomen, op de internetsite ‘Waar doet het pijn’ een vragenlijst in. Het antwoord is niet helemaal eenduidig maar ik concludeer dat het een patellaprobleem is en een bandje onder de knieschijf kan dan helpen.
Dinsdagochtend ben ik als eerste in de runningwinkel. John vindt dat ik te voorbarig handel. Ik zou eerst maar eens naar een fysio gaan, is zijn advies.IMG_6144
Ik geef hem gelijk en maak, zodra ik weer terug ben op kantoor, een afspraak.  Woensdag laat ik de afspraak met mijn collega die sportmasseur is gewoon doorgaan. De bovenbenen maar eens goed onder handen nemen dan, zegt Folkert als ik uitleg wat er aan de hand is. Vandaag maar niet lopen gaat hij verder. Ik bijt op mijn lip. Ik zou vanavond naar Stiens met Hanny zeg ik. Hij vindt het geen goed idee (en ik diep in mijn hart ook niet) en dus mail ik haar even  later dat ze vanavond zonder mij 14 km mag rennen.
Een dag later lig ik op de tafel bij de fysio. Jelmer trekt en duwt aan mijn been en concludeert dat het geen meniscus of een afgescheurde knieband is. Nee, het is de pees die over de knie loopt. Dus.. Waarschijnlijk licht overbelast. Hij mobiliseert de knie en denkt dat het goed is dat ik morgen nog een keer kom. Dan moet ik naar Rudger. Dat is ook een hardloper voegt hij er aan toe. En hij kan dry-needlen. Waar mij bij het horen van alleen het woord al, het zweet van uitbreekt.
De behandeling de volgende dag is pijnlijk maar ik heb er alles voor over om snel te herstellen. Als ik na de speldenprikken van de tafel kom vraag ik het voor de zekerheid nog maar een keer. Mag ik morgen rennen? Ik wil graag meedoen aan de Statenloop. Volgens Rutger geen enkel probleem.
En zo sta ik zaterdagochtend om elf uur klaar voor een tien kilometer. Met een (toch nog snel gekocht) patellabandje om de knie.statenloop2016
De eerste kilometer gaat sneller dan ik voor ogen heb en ik weet dat als ik dit tempo door blijf lopen de doelstelling ‘onder de 55 minuten’ kan worden gehaald. Als de wind even later tegen is kruip ik achter een rug en meld dat ik de man even als windbreker gebruik. Geen probleem. We sluiten aan bij het groepje voor ons en er wordt gezellig gepraat. Tot we bij een afslag komen en ik hoor dat ik voor de tien kilometer eerder had moeten afslaan. Verdorie! Ik stop en loop terug. Zie dan toch mensen die ook een laag startnummer hebben en weet dan niet meer welke kant ik uit moet. Tot twee lopers roepen dat ik wel goed loop. Ik ren met ze mee om het nog een keer te vragen. Het klopt inderdaad, ik liep helemaal niet verkeerd. Ik baal als een stekker. Weg mooie eindtijd.
Na een paar minuten weet ik mij te herpakken en versnel weer. Maar de spirit is er uit.
Als ik over de finish kom kijk ik niet eens meer naar de tijd. Gelukkig kan ik het even later in de auto  weer een beetje relativeren. Pijnvrij lopen. Dat is het allerbelangrijkste. Dat was ik even vergeten vandaag.